Snit en naad

Op de vakschool deed ik snit en naad.
De mooiste richting die bestaat!
je kan dan je eigen kledij maken
zelfs van een stuk gordijn of een laken.
Je wordt van die eigen kledij vrolijk en content,
zeker wanneer je zo mooi gekleed bent.

Nieuwe Kaai – 28 november 2025

Voorleesweek: bekende woorden, nieuwe verhalen

Sommige namiddagen voelen als een warm deken dat langzaam over de tafel wordt gelegd: een beetje poëzie, een beetje babbel, een beetje muziek, en ondertussen — bijna zonder dat je het merkt — wordt er een hele wereld aan herinneringen opengetrokken.

Omdat het Voorleesweek was, koos ik deze keer bewust voor een paar heel bekende teksten. Gedichten die mensen herkennen nog vóór ze goed en wel begonnen zijn, en die ineens iets in beweging zetten: “Ah ja… dat ken ik nog.”

We startten met het prachtige Avondliedeke III van Alice Nahon — dat rustige, zachte gedicht waarin je even “in je eigen hart” gaat kijken, voor je de dag loslaat.

Daarna gingen we verder met Jantje zag eens pruimen hangen”: een klassieker die meteen herinneringen opriep aan vroeger, aan regels, gehoorzaamheid, en aan die typische kinderlijke verleiding: “Ach… vijf pruimen merkt toch niemand?” Er werd gelachen en bevestigd: ja, dit kenden mensen echt nog.

En alsof het vanzelf zo hoorde, kwamen er nog meer bekende flarden voorbij: poëziealbum-zinnen, kleine regels die ergens in het geheugen zijn blijven plakken.


Sinterklaas in elf woorden (en in een hele jeugd)

Vanaf de jeugdige poëziealbums was de brug naar Sinterklaas snel gemaakt. Niet als groot spektakel, maar als herinnering aan wachten, spanning, chocolade, braaf zijn (of toch proberen).

We maakten samen een elfje — eenvoudig, helder, perfect zoals het hoort:

Daarna zetten we ons aan een rijmgedicht — en dat werd een prachtige groepsprestatie. Het ging over “wijs maken”, dromen als kind, daken, de schoorsteen, cadeaus… en het ouderwetse idee dat ze boos worden als je stout bent. Tot het helemaal klopte.

Er kwam applaus — en vooral: die warme bevestiging aan tafel: “Dat is heel goed gedaan.”
En ja: even werd er ook gelachen om de praktische vraag die bij Zilveren Verhalen vaker terugkomt: wat rijmt er in godsnaam op …. ?


Over kerstbomen, “de juiste volgorde” en hoe het vroeger was

Van Sinterklaas was het een kleine stap naar Kerstmis. En daar ging het verrassend lang over: zet je de boom pas na de Sint? Was dat vroeger echt “zo”? En hoe zat dat met katholiek/protestants, kerststal versus kerstboom? Een limerick over de juiste chronologie gaf nog geen uitsluitsel.

Je voelde: iedereen heeft wel een versie van “de juiste volgorde”.

En alsof het helemaal in de sfeer paste, las ik ook nog een andere eigen limerick over een echtpaar uit Weelde — met een trouwring in de kerstboom en… een Sint die de boom op de schroothoop kiepert. Absurd, en juist daarom zo passend.


Herfst, spruitjes en de geur van natte sjaals

Chaos als altijd, het is nog herfst, dus  gingen we een heel andere kant op: herfstherinneringen. De geur van natte handschoenen in huis. Kastanjes rapen. Dieren knutselen. En dan ineens: spruitjes.

Het korte verhaal uit ‘Ik weet nog goed’ van Joke De Jonge over “tamme kastanjes” die eigenlijk een trucje bleken (spruitjes verstopt!) zorgde voor herkenning en weerstand tegelijk: er kwam een koor van “Nee! Nee! Nee!” toen ik vroeg of spruitjes lekker waren.

En zo werd eten ineens een mini-thema: spruitjes, witlof, stoof, “mijn portie mag jij hebben”… Het voelde huiselijk, alsof we even allemaal in dezelfde keuken van vroeger stonden.


Dierenkaarten, fantasie en een haai op het dak

We sloten af met het spel van de verbeelding (van Kasper Bormans) en de al bekende dierenkaarten. En hoe heerlijk was dat: een haai en een vlinder die elkaar tegenkomen, en uiteindelijk allebei gewoon… rusten.

De vlinder zat op de rug van de haai om uit te blazen (die moest “veel vliegen”), en dan gingen ze samen naar… het dak. Omdat ze moe waren van het zwemmen én het vliegen. Logisch, vond iedereen. En eerlijk: soms is dat het mooiste aan verhalen. Dat ze nergens “naartoe moeten”, behalve naar een plek waar je even mag liggen.

Daarna kwamen er nog combinaties zoals een ezel en een vleermuis, ergens tussen stal en boomhut, met de onvermijdelijke conclusie: een ezel kan niet vliegen… maar in een verhaal mag alles.


Muziek als dessert

Zoals vaker eindigden we met muziek: Nederlandstalig, herkenbaar, gezellig. Even samen luisteren, even mee neuriën, even “op de goede manier” chaotisch. En vooral: samen.


Tot slot

Het was een sessie met veel ingrediënten: bekende gedichten, eigen werk, Sinterklaas, kerstregels, herfstgeuren, dierenverhalen en liedjes. En toch viel alles mooi samen in één sfeer: warm, licht, grappig en menselijk.

Sinterklaas

Sinterklaas en zwarte piet gaan komen,
dat willen ze ons wijs maken.
Als kind konden we van hen dromen.
en zwarte piet liep over de daken.

Hij kwam door de schoorsteen met een zak cadeaus,
dat maakt alle kinderen blij,
Maar als we stout zijn worden ze boos
dus zijn we braaf voor hen allebei

Nieuwe Kaai – 14 november 2025

Appeltaart, honden en muziek voor het gemoed

Soms begint een namiddag al meteen met een glimlach. Deze keer was dat dankzij een eenvoudig, maar raak gedicht: “Ik ben blij met jou.” van Marianne Busser en Ron Schröder. Een vis is blij met water, een eskimo met kou, een bloempje met de bijtjes – en wij, wij waren die namiddag vooral blij met elkaar. Het zette meteen de toon: samen zijn, samen luisteren en samen lachen.

Daarna doken we een verhaal in over… appeltaart uit het boek Ik weet nog goed van Joke de Jonge. Niet zomaar een taart, maar “de lekkerste appeltaart van heel de wereld”, met vlechtwerk bovenop en rozijntjes in het deeg. Terwijl Truus en Piet in het verhaal herinneringen ophaalden, gebeurde dat rond de tafel ook: wie bakte er vroeger zelf? Wie mocht er van het deeg proeven? Het was bijna alsof we de geur van versgebakken taart écht konden ruiken. Ik kreeg bijna naar mijn voeten dat ik zo’n appeltaart niet gewoon had meegebracht.

We lazen ook een stukje non-fictie over vroeger uit het boek In mijn tijd van Elke Uijtewaal, toen jongeren soms hun tanden lieten trekken en een kunstgebit kregen als “cadeau”. Dat zorgde voor verbaasde reacties, herkenning én wat gegrom richting tandarts. Het contrast met nu – fluoride, tandpasta, betere tandzorg – zorgde voor gesprekjes over snoepen, tanden poetsen en bang zijn voor de tandarts.

Daarna kwam de koffie aan de beurt. Eerst in de vorm van een limerick, daarna via een herkenbaar Nederlandstalig liedje, één kopje koffie van V.O.F. De Kunst. Koffie als opstarter van de dag, als troost, als beetje “gezelligheid in een tas”: iedereen had er wel een gedachte of herinnering bij. Muziek hielp om de verhalen los te maken – en om af en toe zacht mee te neuriën.

Een langer verhaal over bingo en een flamingo bracht dan weer humor én ontroering samen. Wat begint als een spelletje met een gekke hoofdprijs, groeit uit tot een verhaal over vriendschap, gezien worden en zachter worden voor elkaar. Herkenbaar in een woonzorgcentrum, waar kleine gebaren en samen spelletjes spelen vaak méér betekenen dan je op het eerste gezicht denkt.

In het tweede deel van de sessie gingen we zelf aan het schrijven. Eerst maakten we samen een gedicht over wandelen in het bos met de honden: de vrijheid, de zorg om ze niet kwijt te raken, en de simpele vreugde van zo’n herfstdag. Even later volgde een tweede groepsgedicht over muziek – hoe die altijd goed doet, zeker als je wat slechtgezind bent. De woorden kwamen stap voor stap, maar de ideeën waren duidelijk: natuur, dieren, muziek en herinneringen doen allemaal deugd.

Tussendoor hadden we het over de winter die eraan komt: sneeuwmannen bouwen, glibberige wegen, bang zijn om met de auto of fiets de baan op te moeten, maar ook de schoonheid van een sneeuwtapijt en het kinderlijke plezier van in de sneeuw spelen. Een gedicht over de vijf zintuigen nodigde uit om te praten over wat we graag ruiken, horen, zien, voelen en proeven – van sneeuwpret tot chocolaatjes.

We sloten weer af met een gedicht over geluk: niet als iets groots en ongrijpbaars, maar in kleine dingen. Een glimlach, iemand die de afwas doet, een danspas, een liedje. Geluk in een verhaal, een kop koffie, een herinnering, een grap, een deelmoment in de zithoek.

✨Zo werd het opnieuw een warme sessie vol geluksmomentjes. Gaat het echt over die flamingo in dat ene verhaal? Is de koffie die rijmt écht zo belangrijk? Neen, vooral connectie maken, écht met elkaar spreken en luisteren, dat is belangrijk. De zilveren verhalen geven alleen een aanzet.

📸 Wat geeft jou net dat duwtje in de rug om echt in connectie te gaan?

👉Deel het gerust via info@zilverenverhalen.be en blijf het vooral gewoon doen en ervaren!

Nieuwe Kaai – 31 oktober

De laatste dag van oktober bracht, bijzonder genoeg, griezel én gezelligheid.
Een herfstige namiddag waarop verhalen ons vanzelf dichterbij deden kruipen.

We begonnen rustig, met een klassieker:
November” – Herman De Coninck.
Een gedicht dat eigenlijk niet past bij de tijd van het jaar — het is tenslotte Halloween!
Maar ergens past het perfect: het zit tussen vallen en beginnen, tussen wat voorbij is en wat blijft.
“Speciaal,” zei iemand, “ge moet er van nadenken.”

Daarna werd het luchtiger, met Slak in de herfst,
een eigenzinnig herfstgedicht over traagheid, roken (ik ben ondertussen wel een gestopte roker 😉) en vergissingen.
Een slak die bij niemand van de deelnemers in de tuin welkom bleek, maar gewoon een herfstblad bleek te zijn.

Dat vormde meteen het bruggetje naar een hele reeks herfstgedichten,
reeds vaker voorgelezen, maar het blijven klassiekers.
Over regen en kortere dagen, over mopperen en cocoonen.
De toon verschoof van “ik haat de herfst” naar “oké, herfst valt reuze mee” — een zachte verzoening met de seizoenen.

Tussen de gesprekken door kwamen ook herinneringen naar boven: kastanjes rapen, aan de Leuvense stoof zitten, geuren van soep en pannenkoeken.
De toon was gezet.

Maar het bleef natuurlijk 31 oktober…
En dus mocht er gerust wat griezel bij.

Ik las “Voorlezen” – Johanna Kruit (Plint),
een donker bos vol trollen en kinderen die zich schuilhouden.
Daarna “Man onder mijn bed” – Rian Visser (Plint),
waar de engste man juist diegene is die je niet ziet.

Met “Sebastiaan de spin” – Annie M.G. Schmidt kwamen we bij de spinnen terecht — koppig, eigenzinnig, net als wij.
Perfect voor Halloween, en toch net niet té eng.

En toen klonk plots muziek: In de stille Kempen.
Daarop volgde een nieuw, zelfgeschreven gedicht:
“Op de purperen hei”,
over wandelen in de herfstige hei, niet in de zomerse hei,
over stilte zoeken en rust vinden — niet buiten, maar in jezelf.


Na de poëzie kwam de verbeelding.

Met het Spel van de verbeelding van Kasper Bormans maakten we samen drie knotsgekke verhalen:

🐻 De beer en de kapotte bal – over een beer met een geheim dat hij niet kan vertellen. (Ah ja, want het is een beer, die praten niet.)
🦚 De pauw met een broek en een zakmes – die pauw zweeft zodra de zwaartekracht wegvalt. (Aha en zo kan de trage schildpad toch weer mee racen.)
🦏🐘 De neushoorn en de olifant ontsnappen uit de dierentuin, naar de woestijn van Jef – die ruzie maken over een spelletje, maar eindigen in vriendschap. Gelukkig is Jef zijn woestijn gratis. (De dierentuin is dat namelijk niet!)

De fantasie was groter dan de kamer zelf. Gegniffel en gegrinnik vulden de zithoek.
Heerlijk om te mogen beleven.


Daarna keerden we terug naar poëzie.

Een luchtige limerick: Diefstal,
een ondeugend versje over een hartendiefje.

Een teder moment met Afasie,
voor wie woorden zoekt en toch gevonden wordt.

En tenslotte drie limericks uit de reeks “Een kwartier
humor over dutjes, dokters en eeuwige vertraging.

En omdat er nooit genoeg woorden zijn,
maakten we er samen nog nieuwe: drie elfjes.

De laatste daarvan was:

prima
gezellige woonst
de nieuwe kaai
we wonen hier graag
welkom

Niet alleen een gedicht dat perfect verwoordt waar de medewerkers van de Nieuwe Kaai keihard voor werken en dus in slagen, maar ook een samenvatting van de hele namiddag: welkom, warm en wonderlijk.

Toen klonken de woorden: “De tijd zit erop.”
Natuurlijk moest dan het lied van Bobbejaan Schoepen volgen: Zie ik de lichtjes van de Schelde.
Toen dat lied de ruimte vulde, glimlachten we allemaal — een beetje moe, maar zeker voldaan.

De herfst mag nog even blijven.

✨ Niet alleen door de griezel en gezelligheid een speciale sessie, maar zeker ook door onze geweldige ‘Wat Alz’ verhalen dankzij het spel van de verbeelding van Kasper Bormans!

📸 Gebruik jij je fantasie nog steeds? Dat kan dus! Wat levert jouw knotsgekke fantasie je op?

👉Deel het gerust via info@zilverenverhalen.be of verzin het gewoon…

Elfjes

herfst
tussenin bomen
geur is lekker
rode en groene kleuren
mooi!

warmte
onze voeten
warmen lekker op
aan de leuvense stoof
tevreden

prima
gezellige woonst
de nieuwe kaai
we wonen hier graag
welkom


De Nieuwe Kaai – 19 september

Voor Werelddementiedag (eigenlijk 20 september) trokken we in de Nieuwe Kaai op 19 september samen op reis. Geen koffers of vliegtickets nodig, maar wel een bundeltje reisgedichten en een flinke dosis verbeelding.

We begonnen bij het ritueel van de postkaart: het schrijven over het weer, een kleine groet uit verre oorden, een herinnering in een envelop. Daarna namen de gedichten van PLINT – Dichter: nummer 3 (vakantie) en nummer 8 (wereldnummer) ons mee naar zee – naar schelpen rapen, duinen en oneindige horizonten. Ook kamperen kwam voorbij, van caravans en tenten tot een vrolijk campinggedicht.

De bergen riepen herinneringen op aan lange wandeltochten met vaders die maar bleven doorstappen, terwijl kinderen hun adem probeerden bij te houden. Er was zelfs een fantasierijke sneeuwreis, compleet met lawines die treinen en klaslokalen bedreigden.

En natuurlijk gingen we in gedachten verder de wereld rond: naar Spanje, naar Amerika, en voor wie durfde zelfs naar de maan. Het werd een reis met humor, herkenning en verwondering, gedragen door de verhalen en herinneringen van de groep.

Samen maakten we ook nog een klein groepsgedicht, dat de hele namiddag mooi samenvatte.

✨ Zo werd deze sessie opnieuw een succes. Deze keer weinig eigen gedichten (maar ééntje), maar evengoed een massa aan herinneringen en een prachtige reis in ons hoofd. Het prachtige groepsgedicht is daar alvast bewijs van.

📸 Heb jij ook een verhaal over reizen, het strand of dicht je ook gewoon graag?
👉 Deel het via info@zilverenverhalen.be – misschien lees je het wel terug in een volgende sessie