
Na enkele bijzonder warme dagen stond deze bijeenkomst bijna vanzelfsprekend in het teken van de zomer. We begonnen met Pas op voor de hitte van Annie M.G. Schmidt. Het speelse gedicht over juffrouw Scholten die letterlijk wegsmelt in de zon zorgde meteen voor lachende gezichten. Al snel volgden verhalen over ventilatoren, airco’s, warme flats en de vraag die iedereen zich deze dagen stelt: “Hoe geraak je die hitte door?” Sommigen verlangden al naar de herfst, anderen vonden de lente toch het mooiste seizoen. Iedereen bleek zo zijn eigen manier te hebben om met de warmte om te gaan.
Daarna waagde ik me aan iets nieuws. Voor het eerst las ik een verhaal voor dat niet door mezelf geschreven was, maar door mijn zus. Jef gaat dansen vertelt het verhaal van een onzekere jongen die leert walsen met het meisje waarop hij verliefd is. De deelnemers leefden zichtbaar mee met Jef. Sommigen herkenden meteen het lied Zie ik de lichtjes van de Schelde, anderen vertelden spontaan over bals, dansavonden en hoe belangrijk dansen vroeger was. Ook mijn zus kreeg onrechtstreeks mooie feedback: de groep vond het een warm en herkenbaar verhaal. (Oftewel ‘niet te melig’ en ‘lachwekkend’)
Van daaruit kwamen de herinneringen vanzelf. Er werd verteld over grote gezinnen waarin een uitstap naar zee allesbehalve vanzelfsprekend was. Een deelneemster vertelde hoe haar moeder negen kinderen had en vakantie daardoor een luxe was. Anderen haalden herinneringen op aan familie, jeugdvrienden, vakanties, scoutskampen en de kust. Oostende bleek voor velen nog altijd een plaats die warme herinneringen oproept.
Zoals wel vaker vormde poëzie de rode draad. We lazen drie zomerse elfjes uit Dichter bij de seizoenen en ontdekten hoe je met slechts elf woorden toch een volledig beeld kunt oproepen. Daarna schreef de groep zelf een zomers elfje. Het werd een eenvoudig maar vrolijk gedicht over zomer, warme temperaturen, samen naar het strand gaan en vooral… genieten. Een mooie illustratie dat een klein gedicht soms precies genoeg woorden bevat.
We sloten af met enkele zomerse limericks.
Opnieuw werd het een namiddag waarin verhalen, poëzie en herinneringen moeiteloos in elkaar overvloeiden. Niet de grote gebeurtenissen stonden centraal, maar de kleine momenten: een warme dag, een eerste dans, een familie met negen kinderen, een uitstap naar zee of een eenvoudig gedicht van elf woorden. Precies die kleine herinneringen maken samen een zomer die blijft nazinderen. ☀️