Herfst

Zoals vroeger gaan we door het bos,
mist hangt over het zachte mos.
We willen mastenbollen rapen.
Om in de zetel te slapen
maken we de Leuvense stoof aan
en dat voelt heel aangenaam.
Zo hebben we zeker warme voeten in huis.
Laat de winter dus maar thuis.

Lief gedichtje

Ik wil, ik wil, ik wil serenades op het balkon, 
zing je longen er eens uit!
En ik wou dat jij voor mij eens een romantisch vers verzon,
mijn eigen versjes komen iedereen de strot uit.

Ik wil, ik wil, ik wil niet meer horen hoe je knort
en scheten laat al die lange lange nachten.
En zorg dat je je volgende wandeling opschort,
ik moet telkens maar eenzaam wachten.

Ik wil, ik wil, ik wil dat je wat meer moeite doet. Tis gezegd. Tis klaar.
Hup met de geit! Vooruit met dat romantisch gebaar!


Je leert voor mij geen gitaar spelen of zingen vol geslijm,
maar je raakt toch telkens een gevoelige snaar.
Je schrijft voor mij geen poëzie of ander gerijm,
want de stilte is je mooiste gebaar.

Ik luister liefdevol naar je gesnurk of luister naar de wind.
zolang ik maar naast je liggen mag.
Ik wacht op jou aan de voet van de berg, stap maar gezwind.
zolang je maar bij mij terug komt op het einde van de dag.

Je hoeft helemaal geen moeite te doen.
Wees maar lekker jezelf. En oh, af en toe graag een zoen.

Herfst limericks

De herfst valt me tegen
Het weer in de herfst valt me tegen.
’t Is regen en regen en regen.
Heel soms komt de zon.
Ik wou dat het kon:
De herfst en de winter wegvegen.

De herfst is stom
Op sneeuw kan je ook nog niet hopen.
Dus kan niet op skilatten lopen.
Het weer vind ik stom.
Het klinkt niet meer dom:
Vertrekken naar de warme tropen.

Bah, herfst
Mijn hart stopt ook bijna met tikken.
De laatste dag doen ze me schrikken.
Ik haat halloween.
Je hebt het gezien:
Naar herfst wil ik me niet echt schikken.

Ik haat de herfst
Wat kan ik goed zagen en klagen.
‘Wat wil je dan?’ blijft men mij vragen.
‘De zon!’ Die doet goed.
Herfst werkt op ’t gemoed.
En zeker die kortere dagen.

Okee, herfst valt reuze mee
Het wisselen van de seizoenen,
zal ik me mee moeten verzoenen.
En het is best tof,
om onder fleece stof,
te rusten en knus te cocoonen.

Bibliotheek Turnhout – 23 september

Soms zijn er maar twee stoelen nodig om een hele wereld aan herinneringen open te praten. Tijdens de sessie van 23 september zat ik samen één deelneemster in de bibliotheek. Weer geen grote groep dus, maar dat maakte het gesprek des te persoonlijker.

Met boeken als Pure nostalgie en Meer nostalgie van GT Rovers, Het Jaren zeventig boek van G. Brendel en In mijn tijd. Ingrediënten voor een goed gesprek tussen jong en oud van Elke Uijtewaal, hadden we meteen gespreksstarters in handen. De foto’s, lijstjes en herkenbare thema’s riepen herinneringen op aan vroeger, maar ook aan hoe dingen vandaag anders – of soms net hetzelfde – verlopen. Zo groeide een warme babbel over verleden en heden, met veel glimlachen van herkenning.

De deelneemster wees me bovendien op een prachtig prentenboek dat voor haar veel betekenis heeft: De ballonnen van opa van Jessie Oliveros en Dana Wulfekotte. Een boek vol tederheid over herinneringen, loslaten en vasthouden. Een mooie tip die ik zeker meeneem voor volgende sessies én voor mezelf.

✨Het werd een intieme ontmoeting waarin de kracht van boeken opnieuw duidelijk werd: ze brengen gesprekken op gang, wekken herinneringen tot leven en nodigen uit om te delen – zelfs al ben je maar met twee.

📸 Heb jij ook must-reads rond dementie? Of handige boeken om herinneringen op te halen?

👉Deel het gerust via info@zilverenverhalen.be

De Nieuwe Kaai – 19 september

Voor Werelddementiedag (eigenlijk 20 september) trokken we in de Nieuwe Kaai op 19 september samen op reis. Geen koffers of vliegtickets nodig, maar wel een bundeltje reisgedichten en een flinke dosis verbeelding.

We begonnen bij het ritueel van de postkaart: het schrijven over het weer, een kleine groet uit verre oorden, een herinnering in een envelop. Daarna namen de gedichten van PLINT – Dichter: nummer 3 (vakantie) en nummer 8 (wereldnummer) ons mee naar zee – naar schelpen rapen, duinen en oneindige horizonten. Ook kamperen kwam voorbij, van caravans en tenten tot een vrolijk campinggedicht.

De bergen riepen herinneringen op aan lange wandeltochten met vaders die maar bleven doorstappen, terwijl kinderen hun adem probeerden bij te houden. Er was zelfs een fantasierijke sneeuwreis, compleet met lawines die treinen en klaslokalen bedreigden.

En natuurlijk gingen we in gedachten verder de wereld rond: naar Spanje, naar Amerika, en voor wie durfde zelfs naar de maan. Het werd een reis met humor, herkenning en verwondering, gedragen door de verhalen en herinneringen van de groep.

Samen maakten we ook nog een klein groepsgedicht, dat de hele namiddag mooi samenvatte.

✨ Zo werd deze sessie opnieuw een succes. Deze keer weinig eigen gedichten (maar ééntje), maar evengoed een massa aan herinneringen en een prachtige reis in ons hoofd. Het prachtige groepsgedicht is daar alvast bewijs van.

📸 Heb jij ook een verhaal over reizen, het strand of dicht je ook gewoon graag?
👉 Deel het via info@zilverenverhalen.be – misschien lees je het wel terug in een volgende sessie

Op verlof

We gaan vanuit de Nieuwe Kaai op verlof,
want op vakantie vinden we tof.
We gaan in ons hoofd wat reizen,
zo kunnen altijd op verlof blijven.

Het liefst willen we naar Amerika gaan,
of ne keer op de maan staan.
We zijn er nog nooit eerder geweest,
dus we gaan naar daar in onze geest.

Pilaar

Ik schrijf ansichtkaarten. Dat is een toverachtig Hollands woord. 
Een ansichtkaart komt uit het buitenland of uit het buurland.
Over het weer schrijf ik je. Pen in m’n mond, niet in m’n hand.
Jouw talenten houden me niet bezig. De temperatuur wel, warm of koud.
Ik ben een navelstaarder. Ik schrijf over wat mij bezig houdt.
Dat het bijzonder is dat je niet overal gewoon Nederlands hoort.

Elke vakantie opnieuw wordt een postkaart beloofd.
Zelfs in België spreekt de helft nog geen Vlaams. Glimlach je?
Een natte duim veegt choco van een mondhoek. Geniet van je dagje!
De postzegel heeft ook zo’n likje nodig. En dan kan ie gaan.
Mensen doen vaak alsof ze op hun eigen benen staan.
Het adres vraagt een flits in m’n hoofd.

Ik zei laatst tegen iemand die al een tijdje naast me liep, schoenen versleten:
“ik heb nog nooit zoveel van eens mens gehouden als van jou.”
Het was niet eens een stralende dag. De lucht eerder grijs dan blauw.
Zonder te verpinken iets romantisch bedoelen.
Ik denk nu dat er nog andere manieren zijn om te voelen.
Want zijn telefoonnummer heb ik nooit geweten.

Ik sta nu even stil. Ik heb mij al te dikwijls laten gaan.
Je schrijft pilaren geen versjes. Die zijn er gewoon.
Vanzelfsprekend - alsof het hun taak is, zonder loon -
houden ze huizen, kastelen, zelfs mijn wereld recht.
Een navelstreng wordt doorgeknipt, zo gezegd.
Maar de band tussen jou en mij zal blijven bestaan.

Bremdael – 18 september

Woorden smaken soms net zo goed als een maaltijd. In Bremdael vulden we op 18 september de namiddag met poëzie en plezier. We vertrokken vanuit kleine herkenbare dingen – koken, eten, dagelijkse bezigheden – en ontdekten hoe snel dat kan uitgroeien tot poëzie die tegelijk grappig, warm en eerlijk klinkt.

We lachten om alledaagse verzuchtingen (“ik heb geen zin om gedichtjes te maken”), luisterden naar luchtige rijmpjes over stofzuigers en gebakjes, en deelden ook verhalen die iets persoonlijkers raakten, zoals de avonturen van een poes die met een vogeltje thuiskwam. Tussendoor spraken we over helden – wie we bewonderen, en hoe ook de mensen rondom ons vaak helden blijken te zijn.

Het hoogtepunt van de namiddag was het groepsgedicht dat we samen schreven. Iedereen gooide ingrediënten en dranken in de groep, en al snel stond er een menu in dichtvorm. Een vleugje humor, een scheutje honger, en veel goesting.

✨ Zo werd deze eerste sessie in Bremdael een schot in de roos. De deelnemers genoten van de gedichten en nog meer van het zelf vertellen. Ik genoot van alle herinneringen en het groepsgedicht!

📸 Heb jij ook een verhaal over het je favoriete eten, het huishouden of je huisdier met streken? Wie is jouw held?
👉 Deel het via info@zilverenverhalen.be – misschien lees je het wel terug in een volgende sessie

Lekker eten

Ik heb honger en goesting voor iets lekker.
Ik heb goesting in taart
Ik heb goesting in ijs met advocaat.

Geef mij maar friet van de kraam
Geef mij maar paling in ’t groen.
Geef mij maar een goei tas soep.
Daar moet ik het mee doen!

Ik heb dorst en zin in een milkshake.
Ik heb zin in water.
Ik heb zin in cappuccino met slagroom.

Geef mij maar een borrel.
Geef mij maar chocolademelk.
Geef mij maar thee.
Het zit me niet mee.

Vandaag is het boterhamworst
en wat koffie tegen de dorst.

Geen zin

Ik heb geen zin om een gedicht te schrijven, 
Ik heb geen tijd om geduldig te blijven,
Ik heb geen fut om schoon te maken
ik heb geen trek in die vieze zaken.

Alles zit tegen vandaag,
en eigenlijk doe ik niets graag.

Geef mij wat zin
en ik begin.
Geef mij wat tijd,
en ik heb geen spijt.
Geef mij wat fut,
ik val niet in de put.
Geef mij wat trek,
in een omelet met spek.

geef mij iets van dat vandaag
ook al gaat het dan misschien wat traag,
ja, langzaamaan kom ik weer op gang,
en zo werd dit gedichtje toch nog lang.