Alles van de baan

Het gaat erover!
Mijn moeder maar zeuren…
Blijkbaar kan je met een Range Rover
niet buiten de lijntjes kleuren.

Alles loopt in het water!
Met die vervloekte regen ook…
Zo stonden we even later
met de auto op de pechstrook.

Alles gaat van de baan!
Takelwagen kwam niet.
Die auto hebben we laten staan
en dan doen alsof geen kat het ziet.

Eind goed, al goed?
Zo kom je niet in de problemen:
Doen alsof je neus bloedt
en de bus nemen.

Versje voor beginners

Een rijmpje om te tonen dat ik ook wat kan.
Echte poëzie, daar snap ik weinig van.
Enkele letters die elkaar nadoen op het einde.
Voel me al een dichter zijnde.
Soms klopt het allemaal niet goed.
Maar het is het plezier dat het hem doet.
Misschien lees je het best nog een keer.
Want ik schrijf maar wat neer.
Toch hoop ik stiekem op jouw lach.
Want die maakt ook mijn dag.

De auto

Het leven gaat te traag voor mij.
Ik wil verder gaan.
De klokt tikt niets voorbij.
Wat is er eigenlijk juist van aan?

Op een dag ging ik eindelijk wat vooruit.
Ik voelde het: ‘Nu ga ik snel!’
Zag ik opeens iets in mijn achterruit…
Het was de politie! Dacht het wel.

Snelheid verdient blijkbaar een boete,
maar ik wou niet betalen.
Zei hij dat het wel zal moeten,
maar ik wou mijn toekomst halen.

Dus ik reed door en betaalde lekker niet.
Riep die man:
‘Handen omhoog, of ik schiet!’
Maar ik was weg, geloofde er niets van.

Belangrijkste les van die dag:
Ook al houdt iets me af en toe tegen,
dat is oké, dat mag.
Gewoon blijven bewegen.

- Sanne

De trein


Ik zat wat op de trein te dromen.
Voelde ik opeens weer vragen afkomen.
Waar ga ik eigenlijk heen?
De conducteur wist het ook niet meteen.

Zo bleven we wat uit het raam kijken.
Het begon er vervolgens sterk op te lijken
dat de wereld ons volledig passeerde.
Ik weet niet of het hem wat deerde.

Misschien staat de wereld best af en toe stil
en is dromen waarmaken een modegril.
Het eindstation blijft voor iedereen staan
dus doe onderweg maar wat rustig aan.

- Sanne

Jef was gehaast

Jef nam haastig de trein. Hij wou op tijd zijn.

Jef had geen afspraak met iemand, Jef had helemaal geen plannen gemaakt, Jef ging ook niets bezoeken.

Toch wou hij per se op tijd zijn.

Haastig ging hij naar de loketten.

‘Voor mij een retour rit naar Lier aub.’

Jef rekende af en vergat de bediende achter het loket te bedanken.

Snel ging hij op het grote bord zoeken naar het juiste perron.

Want dat was hij natuurlijk ook vergeten te vragen aan de bediende aan het loket.

Hij vond zijn trein niet. Hoewel het bord groot was, waren te letters toch te klein om het te kunnen lezen.

Hij wist dus niet op welk perron hij moest zijn. Hij had namelijk nog nooit eerder deze trein genomen.

Waarom had hij deze morgen niet beter zijn best gedaan om op tijd te vertrekken?

Hij begon te zuchten, te blazen én zelfs te vloeken.

Na zijn aller luidste vloek, besloot hij hulp te vragen aan een andere reiziger.

“Hé, meneer, waar komt de trein naar Lier aan? Op welk perron moet ik dan zijn?”

De meneer haalde zijn schouders op, hij wist het niet.

Een dame had Jef de vraag horen stellen en kwam ter hulp.

“De trein naar Lier komt zo dadelijk aan op dit zelfde perron.”

Jef bedankte de dame hartelijk.

Ze vroeg: “Waar trek je naartoe? Ga je shoppen in Lier? Winkeltjes doen?”

Eindelijk was Jef gerust gesteld dat hij de trein ging halen. Hij glimlachte zelfs.

“Neen, ik heb geen afspraak in Lier. Ik wil niets bezoeken en ik  ga al helemaal geen winkeltjes doen.”

De vrouw was verbaasd.

“Ik heb nog nooit gezien dat iemand zo dringend naar Lier moest?! En je gaat er helemaal niets doen?”

Jef lachte luidop. Hij grinnikte.

“Ik moet de trein naar Lier hebben, in Lier zelf, neem ik de trein weer terug naar Turnhout.”

De vrouw wou net nog meer uitleg vragen toen de trein het station binnen reed.

Met een geweldig lawaai kwam de trein piepend tot stilstand.

De deuren van de trein gingen open en de conductrice sprong op het perron.

“Dag opa.”

“Dag kleine” glimlachte Jef. “Hoe gaat het op je eerste werkdag?”

“Prima,” lachte de conductrice. “We kunnen op tijd vertrekken, nu onze belangrijkste passagier is gearriveerd.”

“Nou,” zei de vrouw op het perron. “Natuurlijk wil je de eerste werkdag van je kleindochter niet missen! Wat mooi!”

Jef lachte. Inderdaad, al dat gehaast voor zijn kleindochter. Haar eerste werkdag zou hij toch zeker niet missen!

Tevreden klom hij de trein in. Zijn kaartje liet hij knippen door de conductrice. Fier kwam Jef aan in Lier, waar hij maar meteen mee terug reed. Zo kon hij nog langer bij zijn kleindochter zijn.

Held

Held
Iedereen heeft in z’n leven wel een held.
Een wielrenner of een voetballer op een veld.
Misschien die knappe zanger of elegante actrice.
Of was het je vroegere schooldirectrice?

Een held heeft geen tijd om te nietsen.
De wielrenner moet altijd maar fietsen.
De voetballer valt schreeuwend op de grond.
Moedig staat hij weer op, helemaal terug gezond.
Acteren in een film is geen sinecure.
Bovendien moet je voor je lijn constant kuren.
De zanger zingt de moeilijkste noten op de ladders.
De schooldirectrice zorgt voor alle pagadders.

Een held is iemand die ‘uitblinkt in moed’.
Ik ben niet zo dapper, zelfs niet als het moet.
Ik loop dikwijls weg als ik denk dat ik het niet red.
Dan ben jij mijn allerliefste vangnet.
Er is veel onduidelijk in het leven.
Als ik bij jou ben, vergeet ik dat even.
Jij bent er altijd voor mij.
Mijn held? Dat ben jij.

Koken

Koken
Er staan aardbeien op het kookvuur,
Ik doe een hele hoop suiker bij in de pot.
dan wordt dat mijn nieuwe confituur.
Er staan patatjes te koken en stomen,
Misschien een beetje melk en boter erbij?
Daar zal vast lekkere puree van komen.

Ik sta dikwijls te kokkerellen
en ook wel wat te knoeien
Ik hoef je over al dat werk vast niet te vertellen.
maar samen met jou maak ik tijd,
om alles op te smullen
en heb ik van al dat gedoe geen spijt.

Geluk

Geluk
Geluk heeft zo z’n eigen willetje.
Het loopt in de schaduw of de zon.
Geluk zit niet in een pilletje.
Als dat nu maar eens kon.

Geluk zit in die maandag
waarop je vakantie had.
Geluk zit in de glimlach
van je allerliefste schat.

Geluk zit in de afwas
die iemand anders voor je doet.
Geluk zit in een danspas
al zit het ritme niet altijd goed.

Geluk zit in een grassprietje,
maar zoek het niet op de top.
Geluk zit in een liedje,
ook al kom je er niet op.

Misschien zie je het nu niet meer
en lijkt je leven in vrije val.
Geluk komt telkens weer,
want geluk zit overal.