De sneeuw dwarrelt naar benee
kinderen op een slee
op de konijnenberg spelen
we waren met velen
door de wind op onze wangen
blijven we naar de lente verlangen,
door de koude naar school
een sjaal kwijt en een handschoen op de dool
winter is ijzel en gevaarlijke gladheid
Waar is de tijd?
de bloemen op de ruiten
toen was het pas koud buiten
voor de warmte zal de vuile kolenkachel aan moeten
klompen deden deugd aan onze voeten
ze leggen op de Leuvense stoof deden we ook
een gevaarlijk duveltje werd warm en had veel rook
nu zijn de winters minder eng
ze lijken minder streng,
maar we kunnen beter verwarmen en koken,
we moeten niet meer met hout of kolen stoken
Of het nu koud of warm is,
elke tijd heeft zijn charmes.
Vind-ik-leuk Aan het laden...
Gerelateerd
Een gedachte over “Winter”